Donderdag 16 mei 2024
ontwaken in Vatalos Frangkokastelo
KM 109438
CO
Bij de taverne vragen we of ...we onze watertank mogen vullen. Daar is bij de ingang een douche met een waterkraan. Als we vragen of het drinkwater is (want dat is het niet altijd) zegt de eigenaar ‘dat is hetzelfde water als wat je hier in de taverne op tafel krijgt in een kan'. Ok dan!.
We geven hem onze klompjessleutelhanger als souvenir. Daarvan hebben we een zak vol bij ons die we geven aan een leuk contact of als bedankje voor iets.
Ik ga het toch weer zeggen: wat een wonderschone route door het binnenland. We willen in Plakias boodschappen doen omdat daar een mega supermarkt zou zitten. Nou hoeft dat van ons niet, zo’n megasupermarkt, maar we hopen dat ze daar wél iets van hooi, strooi, of andere bodembedekker hebben die vaak in dierenwinkels verkocht worden voor konijnen of andere kooikruipers.
Nee, we hebben geen konijn of andere kooikruiper bij ons maar wel een Trenntoilette.
Dat is een Duits woord voor iets waar eigenlijk geen leuke vertaling voor is. Iets met een toilet, dat kunnen jullie natuurlijk uit het woord halen.
Maar wij vinden het woord zo vrolijk klinken dat we altijd dat zeggen. Zeg het maar eens een paar keer hardop; trenntoilette, trentoilette, trentoilette. Het klinkt bijna zo leuk dat je zin krijgt om erop te gaan zitten poepen of plassen. Maar daar is het ding dan ook voor.
Een trenntoilette is eigenlijk een soort komposttoilet.
Meestal zit er in een caravan of camper een cassettetoilet. Een beetje
vergelijkbaar met het toilet van thuis. Je kunt ook spoelen, maar wel minimaal,
en de poep en pies komen samen in een cassette terecht die vaak rond de 16
liter groot is. Nou is het geval dat als poep en pies bij elkaar komen dat dan
extra gaat meuren. Daar hebben ze dan weer vloeistoffen voor bedacht die je
kunt toevoegen waardoor alles sneller afbreekt en waardoor alles prettiger (lees
minder smerig) gaat ruiken. Sommige mensen bedenken zelf van alles zoals o.a.
wasverzachter of azijn om toe te voegen.
Die vloeistoffen zijn er dan weer in best wel chemische en in biologisch
afbreekbare varianten.
Vandaar dat in de campingwereld ook wel wordt gesproken over ‘chemisch toilet’.
Als je de chemische toevoegsels hebt gebruikt mag die cassette dus ook alleen
geleegd worden in een daarvoor bestemde afvoerpunt.
Als je niks hebt toegevoegd zou je het in principe in een normaal toilet kunnen
lozen (ook in de chemische afvoer) maar je moet nogal oppassen met zo’n
cassette. Het kan nog wel eens een knoeiboel worden, en voordat je het weet sta
je ergens een openbaar toilet schoon te maken omdat je overal overheen
geflodderd hebt.
Dan moet je die cassette zelf daarna ook nog eens een aantal keren goed
spoelen.
In principe zou je als je niks hebt toegevoegd de cassette ook nog kunnen legen
ergens in een verlaten bos ofzo, maar nu krijg ik misschien wat mensen over me
heen vallen.
Ja, ik heb wel eens een gat gegraven ergens in een stuk onontgonnen grond.
Maar we vonden het een ergernis zo’n cassettetoilet. Is allemaal misschien niet
zo erg als je altijd op een camping of camperplaats staat met alle voorzieningen
maar als je zoals ons vaak afgezonderd staat, soms misschien wel een week, en
zonder voorzieningen, dan is dat niet fijn. Want na een kleine drie dagen gaat
die cassette vol zitten en loop je tegen het punt aan: waar moet ik nu met die
volle pot heen. We hadden voorheen al een extra cassette maar dan nog vonden we
allemaal zo verschrikkelijk smerig gedoe.
Dus hebben we nu een vrolijke trenntoilette.
In ons geval is het een soort van vierkante kunststof doos. Daarop zit een
toiletbril en ook een deksel.
Die toiletbril is verdeeld in twee helften zou je kunnen zeggen. De achterste
helft heeft een groot gat en is voor het poepen, en de voorste helft heeft een
soort trechtertje. Onder beide gaten staat een emmer van 10 liter. In de
poepemmer komt een zak van plastic of biologisch afbreekbaar materiaal.
Als je gepoept heb strooi je daar iets van houtschaafsel, stro of een of andere
bodembedekker voor konijnen- of hamsterhokken overheen. Eventueel ook kattenbakvulling
maar dat is bij ons laatste keus.
En geloof het of niet; dan is de poeplucht verdwenen. Het spul neemt ook wat
vocht op uit de ontlasting. Als de zak vol is, wat best wel een week kan duren,
knoop je de zak dicht en kan hij in principe in elke restafvalcontainer. Je zou
de inhoud ook ergens op een verlaten stuk land kunnen kieperen, of in een stuk
bos waar niemand komt. Wel of niet ingegraven. In feite is het gewoon compost.
De plasemmer mag je in elk toilet lozen dus dat hoeft niet een chemische
toiletafvoer te zijn.
Er zijn nog meer varianten van Trenntoiletten maar dit is zoals wij hem hebben.
De grote voordelen zijn dat we veel minder afhankelijk zijn van campings,
camperplaatsen, stortplaatsen e.d., en we ook zelf veel beter een moment kunnen
kiezen voor het legen van alles.
Daarbij gebruiken we ook nauwelijks nog water om bijvoorbeeld het toilet te
spoelen zoals bij een cassettetoilet.
Goed, dat was even tussendoor wat over het toilet.
Op weg naar Plakias. Van de ene kustplaats naar de ander gaat hier niet zo
gemakkelijk met auto of camper. Hemelsbreed ligt de volgende plek misschien 10
kilometer verder maar het kan betekenen dat je eerst een half uur flink berg op
moet via kronkelwegen en vervolgens weer af.
Als we ergens bij een dorpje een wat onofficieel bordje Plakias South zien
krijg ik na 1 nog geen minuut al spijt dat we die genomen hebben. En omkeren
gaat niet. Met lichtelijk zweet in handen en overal eindigen we
onderaan in het enorm drukke en toeristische Plakias. Verschrikkelijk, helemaal
wat wij NIET willen.
Dan naar de megasupermarkt. Zo mega blijkt hij helemaal niet te zijn. Het
personeel is onvriendelijk, de onfris uitziende slager-groenteman-kaasboer-alles-in-1
van de winkel heeft een vieze pleister op zijn neus, en bij de kassa wordt
gerookt.
En dan blijken ze ook niets van een bodembedekker zoals houtschaafsel of stro te
hebben. Zelfs de kattenbakvulling is
uitverkocht. Je snapt natuurlijk wel dat we wat chagrijnig zijn na deze
omrijroute. En daarbij is het nog snikheet ook.
We laden de spullen op zijn plek in de camper en gaan naar het Preveliklooster.
Nou is het zo dat wij in misschien wel 20 Griekenland vakanties al veel
kloosters en ‘oude stenen’ hebben gezien en die eigenlijk voortaan altijd
overslaan.
Deze trekt ons dan toch aan vooral vanwege de bouw. Dus toch maar even kijken.
Als we op de snikhete parkeerplaats aankomen worden we al vrij snel
aangesproken door een Nederlands stel. Dat gebeurt wel vaker en meestal weten
we de eerste vraag aan ons al: ‘Hoe zijn jullie nou eigenlijk hier gekomen?’.
Ja, gewoon met de boot dus. Da’s niet zo moeilijk lijkt me. Maar zo bot zeggen
we het nu natuurlijk niet. We babbelen ff met ze over campers, vakantie,
pensioen en sinaasappelen (😊)en als ze weg zijn maakt Monique een Griekse
salade als tussendoortje voordat we intreden (in het klooster).
Mr Bean zit aan het loket om €3 pp in ontvangst te nemen. Er
komt ook een pater vanuit de binnenplaats (?) naar het loket gelopen die zo te
zien aan het eind van zijn latijn zit. Hij haalt het maar net. Veel en veel te
zwaar met waarschijnlijk hartfalen en diabetes, en zwetend hijgend en puffend hangt
hij tegen de muur. Ik denk: oh jee, ik net met pensioen en ik kan hier zo aan
het reanimeren.
Gauw naar binnen, de Heer zal wel over hem waken.
Wat een mooi klooster. We
wanen ons op de filmset van ‘Once upon the time of the west’ of ‘For a few dollars
more’. Mooie oud geworden gepleisterde gevels met veel cactussen en
bloemen, en een werkelijk schitterende boom met twee klokken.
Er is ook een kerkje. Dat geloven we meestal wel maar we gaan toch maar naar
binnen. Een en al iconen, glimmende kroonluchters, gouden kandelaars en andere pracht
en praal als je ervan houdt. Ik heb er vaak moeite mee. Veel kloosters in
Griekenland, maar ook in andere landen zijn rijkelijk behangen met allerlei
pracht en praal en hebben een behoorlijke volle portemonnee. Terwijl de lokale
bevolking vaak geen nagel heeft om aan de kont te krabben. Wat dat betreft houd
ik meer van de soberheid van de Protestantse kerk.
Een klein museum is er ook. Als we binnen komen denken we eerst dat er een of andere pater ergens achter een gordijn een gebed of vers zit te zingen. Maar het blijkt toch een cd te zijn. Monique vindt het prachtig, ik krijg er verkeerde kriebels van. Monique vindt het zelfs zo mooi dat ik Shazam op mijn telefoon aan moet zetten om te vissen of die app de muziek kent. Maar gelukkig heb ik geen ontvangst 😉.
Een man (pater?), die ook al een beetje op Mr Bean lijkt, en achter een soort van verkoopbalie verscholen zit kent het gezang uit zijn hoofd en zit het zachtjes mee te prevelen. Een beetje eng vind ik het wel.
Dan komt de pater(?) met hartfalen ook binnen gehijgd. Ik snap wel waarom. Er is hier een goede airco waarschijnlijk vanwege de oude boeken, pijen, mutsen, schilderijen e.d., en voor de beste man is het lekker koel hier natuurlijk. Nadat hij wat schilderijen achter glas gekust heeft verdwijnt hij achter een gordijn.
Het is maar een klein museum dus we zijn snel klaar.
Er is nog een kleine dierentuin met alleen maar ganzen, een eenzame kalkoen en een stuk of tien pauwen. De pauwen doen om en om hun uiterste best wie het hardst kan schreeuwen, en als iedereen geweest is sluit de kalkoen het rondje af. Ja, er is hier echt van alles te beleven ;-).
De meeste tijd brengen we eigenlijk door met het bewonderen van de bloemenpracht. De kleuren zijn bijna nep. Aan de echtheid van sommige cactussen twijfelen we ook maar ze zijn toch echt echt. (Dat is wel heel veel echt in een zin).
Terug op de parkeerplaats staat een zwerfhond ons zo ongelooflijk zielig aan te kijken dat zelfs Monique, die helemáál niet van de honden is, haar best doet om het dier wat brood en water te geven. Een paar stukjes brood en een beetje water lukt maar als er vrij snel een stuk of drie katten ook komen schooien blijft de hond angstig op afstand.
Acht gut, de hond heeft waarschijnlijk vaak slaag gehad van de katten.
We vertrekken naar ons volgende doel. Een kleine parkeerplaats aan de kust die op loopafstand ligt van het bekende en populaire Preveli strand met de palmbomen. Als we op de park4night-app kijken lijkt het een rustige kleine plek die prima is voor een overnachting.
De weg vanaf het klooster naar de P is bijna een en al afdaling en kronkel. Maar daar wen je hier op Kreta snel aan. Onderweg maken we een kort stop in een eeuwenoude olijfboomgaardeeuwenoude olijfboomgaard.
Ik vind bomen sowieso prachtig, en deze zijn bijzonder genoeg voor een fotostop.
Dan verder naar de ‘camperplek’ Lampi. Als we daar aankomen kijken we nogmaals goed op de navigatie en de app of we wel goed zitten, want terwijl we dachten naar een kleine plek te gaan voor een paar auto’s komen we aan op een grote onverharde parkeerplek waar wel 40 auto’s staan. Aan weerszijden een strand met ligbedden en aan de straatkant een paar tavernen. Goed toeristisch dus.
Monique zou het wel prima vinden om hier te blijven voor de nacht. Ik heb het echter hier totaal niet naar de zin. Nu al niet.
We hebben de afspraak dat als bij een van ons een plek helemaal niet goed voelt dat we dan doorrijden naar een volgende. Dat doen we dus ook.
En dat wordt een hele belevenis. Naar de volgende kanshebber gaat het zo steil omlaag en zo smal dat we ons afvragen of ze nog wel weer terug omhoog kunnen. En dan komen we na de laatste bocht ook nog iemand tegen in een personenauto die met hoofdschudden zich lijkt af te vragen wat ons in godsnaam bezielt.
In de laatste bocht voor het doodlopende eind kunnen we met een keer of wat steken toch nog terug. Pffff…..dat was zweten. Monique was bij vlagen best wel angstig, en dat heeft ze niet vaak
De volgende kanshebber lijkt te mooi om waar te zijn. Een
prachtig lang en breed strand waar het vrijstaan gedoogd wordt. 
en hier kwamen we maar net doorheen
Later zullen we pas in de app lezen dat je beter het strand niet van de
noordwestkant kunt benaderen zoals wij nu doen.
A: gaat het zeer steil naar beneden langs steile afgronden
B: zijn de haarspelbochten wel heel erg haarspeld
C: gaan de wegkanten steeds meer afbrokkelen
D: ligt er zoveel los zand in een dikke laag op delen van de weg dat we heel
erg geluk hebben dat er geen tegenligger is want we komen er maar net doorheen
geploegd. Had ik moeten remmen dan hadden we vastgezeten.. (filmpje volgt nog).
Gelukkig is de beloning inderdaad een prachtig lang en breed strand waar we het
waarschijnlijk wel een aantal dagen gaan uithouden. Het is even opletten met
het plekje zoeken dat we niet te ver het strand oprijden omdat er verraderlijke
zachte stukken bij zitten.
We vinden een mooi plekje om 18:30. Het was me het spannende dagje weer wel.
Van de zonsondergang worden we gelukkig weer heel rustig.
Donderdag 16 mei 2024
overnachten in Triopetra – Agios Vasileios
KM 109438
CO
















Geen opmerkingen:
Een reactie posten